Trustkantoren

Begripsbepaling Wet financiële markten BES;

Trustkantoor: degene die van het verlenen van trustdiensten zijn beroep of bedrijf maakt.

Trustdienst: a. het in opdracht van een derde, niet zijnde een derde die behoort tot een groep waarvan ook de verlener van de trustdienst deel uitmaakt:

  • 1°. optreden als bestuurder of vennoot van een rechtspersoon of vennootschap.
  • 2°. ter beschikking stellen van een adres of correspondentieadres als bedoeld in de artikelen 12, eerste lid, onderdeel b, en 13, onderdeel a, van het Handelsregisterbesluit BES aan een rechtspersoon of vennootschap, in combinatie met administratieve of adviserende werkzaamheden.
  • 3°. oprichten of liquideren dan wel doen oprichten of liquideren van rechtspersonen.
  • 4°. zijn van trustee in de zin van het op 1 juli 1985 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag inzake het recht dat toepasselijk is op trusts en inzake de erkenning van trusts (Trb. 1985, 141).
  • b. het verkopen van rechtspersonen of daarbij bemiddelen.
  • c. het ten behoeve van degene aan wie de trustdienst wordt verleend, gebruik maken van een vennootschap die behoort tot een groep waarvan ook de verlener van de trustdienst deel uitmaakt.
  • d. het verrichten van andere bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen diensten.

Objectieve en subjectieve indicatoren zijn van toepassing op trustkantoren.

 

Zaken die volgens de Wwft-BES vallen onder de activiteiten van Trustkantoren zijn: 

  • Het verlenen van trustdiensten als bedoeld in de Wet financiële markten BES.